Digitaal op zijn Duits

Duitsland, het economische powerhouse van Europa, loopt bepaald niet voorop met digitalisering. Hoewel computers en smartphones er niet meer weg te denken zijn, duiken digitale ontwikkelingen die in Nederland allang tot het dagelijks leven behoren, in Duitsland pas jaren later op.

Voorbeelden van de Duitse achterstand zijn er legio.

  • Onderweg in de trein of auto valt de wifi regelmatig weg of er is helemaal geen internetverbinding.
  • Voor een dienst van de overheid moet je aan de balie komen en zijn stapels formulieren en stempels nodig.
  • Duitsland werkt nog met papier. Betalingen gaan vaak met papiergeld en een treinkaartje is echt een kaartje.
  • Het onderwijs in Duitsland is nog vergaand analoog.

Ranglijstjes

Internationale onderzoeken tonen de positie van Duitsland. Op de ranglijst e-government van de VN uit 2016 staat Duitsland 15e (Nederland 7e). Op de ranglijst e-government van EU-landen, de Digital Economy and Society Index, neemt Duitsland dit jaar de 14e plaats in (Nederland 4e).

Staatssecretaris voor digitalisering

Tijdens de laatste verkiezingen beloofde Merkel een ‘betere internetaansluiting’. Haar partij, de CDU, wil dat de Duitse overheidsdiensten in 2021 volledig digitaal zijn. Het kabinet-Merkel IV heeft momenteel een soort staatssecretaris voor de digitalisering. Die riep gelijk de overheid tot Vorreiter op dit gebied uit. Er is dan nog wel wat te doen. Lang niet overal is een openbaar wifi-netwerk voorhanden. Er is geen snelle en betrouwbare internetverbinding. Op het Duitse platteland ligt nauwelijks glasvezel. Waar in Nederland 90 procent van de huishoudens over een breedbandverbinding van 100 mb per seconde beschikt, werkt Duitsland aan een verbinding van 50 mb per seconde voor ieder huishouden. Van de 600 miljoen euro die Merkel III beschikbaar stelde voor het stimuleren van breedband is pas een fractie uitgegeven.

Conservatief en risicomijdend

De verdere digitalisering van het bedrijfsleven staat eveneens op de agenda. Dat is ook hard nodig want Duitse bedrijven zijn heel goed in mechanische producten, maar hun vermogen om snel op hedendaagse technologieën in te springen is minder ontwikkeld. Het bedrijfsleven geldt als conservatief en risicomijdend. Dat levert goede kwaliteit op, maar remt innovatie. Zo investeren telecombedrijven liever in de bestaande koperleidingen dan in glasvezelnetwerk. Dat is geen omgeving voor innovatieve internetstart-ups. Start-ups hebben het sowieso zwaar in Duitsland, want de risicomijdende cultuur zorgt er voor dat bedrijven vaak liever met een gerenommeerde reus als Microsoft of SAP in zee gaan dan met een new kid on the block met een verschrikkelijk goed idee.

Privacy

Duitsland is verder heel gevoelig als het gaat om privacy. Zowel burgers als overheid zijn zeer alert op het opslaan en delen van persoonsgegevens. Onze OV-chipkaart zou er in Duitsland niet doorgekomen zijn. Cameratoezicht is nog maar heel recent, onder zeer strenge restricties, toegestaan. Die gevoeligheid is te verklaren door ervaringen met de Oost-Duitse inlichtingendienst Stasi, die alles van iedereen wilde weten, én door de cultuur van risicoaversie. Dat Duitsland over een aantal jaren voorop loopt in de digitale revolutie, zoals de politici graag dromen, valt dus nog te bezien.